Praktijk voor dieptepsychologie

Achtergrond

'Het leven van ieder mens is een weg naar zichzelf, de aanduiding van een pad. Ieder streeft naar zijn eigen doel.'

'Demian', Hermann Hesse

Nieuw paradigma

De Amerikaanse filosoof Ken Wilber heeft met zijn ‘integrale theorie van bewustzijn’ de kaders beschreven waarbinnen lichaam en geest, ego en ziel kunnen integreren. Het betreft in feite een fusie tussen psychologie en geesteswetenschappen.

Hoewel eerder geboren dan Wilber, kan Jung worden beschouwd als een van de pioniers in het Westen die deze integrale visie op heelwording van de mens in de praktijk heeft gebracht. In de Jungiaanse psychologie en therapie wordt hiervoor een tweeledige benadering gehanteerd.

Eerst worden vanuit de diepte van het on(der)bewuste blokkades uit het verleden opgeheven, waardoor het zicht op het eigen potentieel wordt hersteld en het individu, met het oog op de toekomst, kan worden wie hij of zij in wezen is. Dit proces van zelfrealisatie wordt door Jung ‘individuatie’ genoemd.

In tegenstelling tot de nauwe materialistisch-biologische visie van Freud en zijn school voor psychoanalyse, zag Jung mens en wereld tevens vanuit een geestelijke visie. Waar Freudiaanse psychoanalyse lijden uitsluitend vanuit in het verleden ontstane trauma’s en complexen verklaart, gaat Jungiaanse therapie uit van een holistisch mens- en wereldbeeld, waarin lichaam en geest één zijn. Jungiaanse psychologie gaat ervan uit dat we meer zijn dan een lichaam met een ego. Deze visie gaat uit van het bestaan van de ziel en het idee dat gebeurtenissen vanuit een bovenbewust weten worden georganiseerd. Je huidige psychische en fysieke levensomstandigheden kunnen niet alleen vanuit het verleden worden verklaard, maar vormen eveneens een tijdelijke expressie op je weg naar toekomstige heelwording. Het heden – hoe pijnlijk ook – bevat een hogere of diepere zingeving.

Hiermee is tevens de brug geslagen tussen de visie van Jung en andere, meer geestelijk georiënteerde tradities, waaronder boeddhistische psychologie. In de visie van de laatste draagt elk moment de mogelijkheid tot ontwaken in zich, mits we onze psyche en ons leven zonder oordeel accepteren als de hoogste uiting van bewustzijn op dit moment.

In zijn psychologie en zijn leven heeft Jung op vele wijzen verbindingen gemaakt tussen psychologie enerzijds en geestelijke wijsheidstradities anderzijds. Terugblikkend kan gezegd worden dat Jung een van de grondleggers is geweest van de ‘integrale psychologie’.

Deze, door Ken Wilber gevormde school, benadert één fenomeen vanuit verschillende standpunten, welke geïntegreerd worden in één holistische visie op mens en wereld. Integrale psychologie is meer dan een eclectische samenvoeging van psychologische en geestelijke stromingen; zij werkt vanuit een zich alsmaar verdiepende theoretische integratie van vele verschillende denkrichtingen. Integrale psychologie heeft slechts één premisse: een complex wezen als de mens kan nooit vanuit één enkele stroming of monotheorie worden verklaard. Hiermee wordt tevens gesteld dat onze verklaring van mens en wereld nooit af is. Naarmate ons begrip van mens en wereld verder reikt, openen zich nieuwe werkingsgebieden en moeten nieuwe perspectieven op de ontwikkeling van mens en wereld worden gevormd.

Integrale benadering in de praktijk

In mijn therapie combineer ik verschillende psychologische en geestelijke stromingen. Naast de dieptepsychologie van Jung en Freud heeft, sinds de instroom van Oosterse religies in het Westen, transpersoonlijke psychologie grote waarde gekregen in de therapeutische praktijk. Beide – dieptepsychologie en transpersoonlijke psychologie – hebben met elkaar gemeen dat ze uitgaan van het bestaan van een ziel. Hiermee onderscheidt de integrale benadering zich van de dogmatisch materialistische visies van de cognitieve, gedragsmatige en klinische psychologie.

Door diepte- en transpersoonlijke psychologie met elkaar te combineren en in de juiste volgorde toe te passen, volgt de mens een natuurlijk pad naar heelwording. In feite staat de eerste fase in het teken van het ontmantelen van disfunctionele structuren en patronen (karakterstructuren, overlevings- en verdedigingsmechanismen, persoonlijkheid- en geestelijke stoornissen). Dit is het werkterrein van de psychologie en de psycholoog.

Het ontmantelen van egostructuren brengt on(der)bewuste trauma’s en complexen in het bewustzijn. Door het verwerken van het verleden en andere on(der)bewuste inhouden worden ik-kracht en eigenwaarde gecreëerd. Op dit stevig fundament kan vervolgens in de therapie via transpersoonlijke psychologie verder worden gebouwd om de verbinding tussen ego/persoonlijkheid en ziel en geest te verstevigen.

In de tweede fase van de therapie wordt het zicht op de authentieke zielskern vrijgemaakt, waardoor haar zelfhelende vermogens zich (verder) kunnen ontplooien. Hierdoor worden in de tweede fase spontaan transpersoonlijke functies geactiveerd. Uitingen hiervan zijn creativiteit, empathie en compassie, het verlangen naar zingeving en de bezieling om je eigen, unieke bestemming te realiseren.